Aubergine

Solanum melongena

MoestuinFamilie: Solanaceae (Solanacées)Moeilijkheid: MoeilijkGiftigheid: zie hieronder

De aubergine (Solanum melongena) is de kouwelijkste en de meest warmtebehoevende van onze nachtschadegewassen in de moestuin, nog veeleisender dan de tomaat of de paprika. In België is het zonder serre of tunnel een gok: ze geeft pas echt in een uitzonderlijke zomer en in de warmste hoek van de tuin. Heel vroeg vanaf februari in de warmte gezaaid, groeit ze traag en gaat ze pas vanaf half mei beschut naar buiten.

Standplaats en licht

De aubergine vraagt volle zon en constante warmte. Geef haar de warmste en helderste plek die u hebt: een serre, een tunnel, een veranda, bij gebrek daaraan de voet van een muur op het zuiden die ’s nachts de warmte teruggeeft. Onder zes uur directe zon zetten de vruchten niet.

Onder ons klimaat verandert de teelt onder beschutting alles. Een serre of een tunnel wint makkelijk vijf tot acht graden op de buitenlucht en beschermt de plant tegen de koele wind. In open volle grond reserveert u het gunstigste microklimaat voor haar en verwacht u pas een mooie oogst in echt warme zomers.

Water geven

De aubergine drinkt veel. Een plant beladen met vruchten verdampt enorm bij sterke hitte, en de minste waterstress laat de bloemen afvallen of geeft bittere, vezelige vruchten. Geef regelmatig en overvloedig water aan de voet, zonder de grond ooit volledig te laten uitdrogen tussen twee giften.

Geef water ’s ochtends, met niet ijskoud water, en vermijd het blad nat te maken. Onder glas droogt de hitte het substraat snel uit: bij hittegolf is een dagelijkse gift niet te veel. Een mulchlaag aan de voet houdt de frisheid vast en effent de schommelingen, die de plant boven alles haat.

Grond en verpotten

De aubergine wil een rijke, diepe, goed doorlatende en vooral warme grond. Verrijk bij de aanplant royaal met rijpe compost of verteerde mest: het is een hongerige plant die het hele seizoen door produceert. Een zware, koude grond blokkeert haar meteen.

Plant niets voor de aarde echt lauw geworden is, ten vroegste half mei en alleen onder beschutting. Zet de planten minstens vijftig centimeter uit elkaar, ze worden fors. In pot rekent u op minstens tien tot vijftien liter per plant, een donkere pot die opwarmt in de zon, en een rijke potgrond aangevuld met meststof tijdens de vruchtzetting.

Temperatuur en luchtvochtigheid

Hier speelt bij ons alles zich af. De aubergine start pas echt boven 20 graden en geeft het beste tussen 22 en 28 graden. Onder 15 graden stagneert ze, de bloemen vallen af, en de minste vorst doodt haar. Ze is kouwelijker dan de tomaat, wat verklaart waarom ze zo vaak mislukt in de Belgische openlucht.

Het zaaien vereist bodemwarmte: er zijn 24 tot 27 graden op zaadhoogte nodig voor een goede opkomst, vandaar het gebruik van een warmtemat en bijlicht in februari en maart. Zet geen enkele plant buiten voor half mei, na de ijsheiligen, en houd een vlies klaar voor de koele nachten van het begin van het seizoen. Onder glas verlucht u zodra het benauwd wordt om overtollig vocht te vermijden.

Snoeien en onderhoud

De aubergine draagt zware planten die doorbuigen onder het gewicht van de vruchten: steun elke plant vanaf de aanplant, of leid haar onder glas op langs een draad. Zonder steun breken de takken eens beladen. Knijp de kop uit boven de tweede of derde bloem om vertakking af te dwingen.

Onder ons klimaat beperkt u het aantal vruchten. Een plant die er acht of tien probeert te dragen, laat er geen enkele dik worden voor het einde van het seizoen. Houd vier tot zes vruchten per plant, verwijder de late bloemen die nooit tijd zullen hebben om te rijpen, en haal de dieven en de bladeren weg die het hart verstikken om lucht en licht door te laten.

Ziekten en plagen

Onder glas is de spintmijt de vijand nummer een: ze gedijt in de hete, droge lucht en prikt het blad, dat marmert en dan uitdroogt. Bevochtig de sfeer en controleer de onderkant van de bladeren. Bladluizen koloniseren de jonge scheuten, en de witte vlieg nestelt zich graag onder beschutting.

De coloradokever valt de aubergine aan zoals de aardappel: raap kevers, larven en oranje eitjes met de hand op zodra ze verschijnen. Wat de ziekten betreft, bevordert overtollig vocht de grauwe schimmel, die grijze rot op stengels en vruchten, en een doorweekte of koude grond opent de deur naar de omvalziekte en naar ziekten aan de wortelhals. Verlucht, geef water aan de voet, laat geen water blijven staan.

Vermeerdering

De aubergine vermeerdert zich door zaaien, en men moet er heel vroeg aan beginnen want de groei is traag. Zaai binnen vanaf februari of begin maart, bij 24 tot 27 graden op een warmtemat, onder bijlicht. De opkomst duurt een tot drie weken. Verspeen in potjes zodra er twee echte bladeren zijn en houd de jonge planten lekker warm en licht.

Het uitplanten onder beschutting gebeurt half mei, wanneer de planten gedrongen zijn en de aarde is opgewarmd. Kies vroege rassen, beter aangepast aan onze korte zomers. Eigen zaad winnen kan van een heel rijpe vrucht die men geel laat worden, maar vertrek van betrouwbaar zaad om aan een toch al moeilijke teelt geen toeval toe te voegen.

Giftigheid

De vrucht is eetbaar en ongevaarlijk. Zoals bij alle nachtschadegewassen bevatten het blad en de stengels solanine en worden ze niet gegeten.

Lokaal advies

In België (klimaat van Herve, zone 8a)

In de streek van Herve blijft de aubergine zonder serre een gok die men enkel in de grote zomers wint. Onze koele nachten, ons vocht en ons korte seizoen passen haar slecht: in open volle grond bloeit ze laat, zet ze weinig, en wordt ze vaak ingehaald door de herfst voor ze haar vruchten dik heeft gemaakt. Een serre, een tunnel of zelfs een veranda verandert de zaak radicaal en maakt van de waarschijnlijke mislukking een echte oogst.

De kalender is krap en start vroeg. Men zaait vanaf februari of begin maart in de warmte, met bodemwarmte en licht, verspeent in potjes, en plant pas vanaf half mei onder beschutting, zodra de ijsheiligen voorbij zijn. De oogst spreidt zich van augustus tot oktober naargelang de beschutting en de zomer. Drie handelingen maken bij ons het verschil: onder glas of tegen een zuidmuur telen, vroege rassen kiezen, en beperken tot vier of zes vruchten per plant zodat ze tijd hebben om te rijpen. In pot kan men de zon volgen en de plant onder beschutting halen bij de koudeprikken van begin en einde seizoen.

Kweek je aubergine?

Green Hub bewaart de gedateerde geschiedenis van jouw eigen plant: haar foto’s, haar groei, haar verpottingen. Een AI antwoordt specifiek over die van jou, niet over een generiek blad, gratis.

Identificeer mijn plant

Onderhoudskalender maand per maand

JanuariNiets in de tuin. Bestel de zaden en mik op vroege rassen, zekerder onder ons kort klimaat.
FebruariEerste zaaisels binnen, bij 24 tot 27 graden op een warmtemat en onder bijlicht. De opkomst is traag.
MaartGa door met de zaaisels. Verspeen in potjes zodra er twee echte bladeren zijn en houd de planten lekker warm en licht.
AprilVerpot de planten die groter worden, houd de warmte aan. Zet niets buiten, het vriest ’s nachts nog bij ons.
MeiHard de planten af in de warmte van de dag. Aanplant onder serre of tunnel vanaf half mei, nooit eerder.
JuniInstallatie. Steun, knijp de kop uit om te vertakken. Geef royaal water aan de voet en mulch om de frisheid te bewaren.
JuliVolle groei. Verlucht de serre bij benauwd weer, loer op de spintmijt, geef elke dag water bij hittegolf.
AugustusEerste oogsten. Pluk de glanzende, stevige vruchten. Beperk de late bloemen om het sap te concentreren.
SeptemberVolle oogst onder beschutting. Verwijder de bloemen die niet meer zullen rijpen en houd de lucht in beweging tegen de grauwe schimmel.
OktoberLaatste aubergines voor de kou. Oogst alles wat overblijft, de plant gaat achteruit zodra de nachten afkoelen.
NovemberEinde van de cyclus. De aubergine overwintert niet bij ons. Trek de planten uit, reinig de serre en de steunen.
DecemberRust. Noteer de opbrengst van het seizoen en houd de rassen in gedachten die goed hebben gegeven voor volgend jaar.

De tips van Green Hub

  • Zonder serre of tunnel is de aubergine een gok in België. Een muur op het zuiden en een warme zomer zijn het minimum om op een oogst te hopen.
  • Beperk tot vier of zes vruchten per plant. Zwaarder beladen laat de plant er geen enkele dik worden voor het einde van ons korte seizoen.
  • Zaai heel vroeg, vanaf februari, en bij 24 tot 27 graden. Zonder bodemwarmte en bijlicht komen de zaden slecht op en treuzelen de planten.
  • Loer onder glas op de spintmijt aan de achterkant van de bladeren. Bevochtig de omgevingslucht, ze haat vocht en houdt van droge hitte.