Tuinieren in kas of koude bak: het hele jaar door telen
Tuinieren in een kas of koude bak betekent telen achter een onverwarmde, doorschijnende wand om warmte te winnen zonder energie te verbruiken. Onder een goed gelegen koude kas wint u afhankelijk van isolatie en zoninstraling 2 tot 10 °C; onder een koude bak schommelt de bescherming eerder rond de 3 tot 5 °C. Dit warmtekussen maakt het mogelijk om tomaat, paprika, aubergine en komkommer vier tot zes weken vóór de volle grond te zaaien, en om midden in de winter sla en spinazie te oogsten onder een onverwarmde koude bak. De keerzijde, in het vochtige Belgische klimaat, is condensatie: zonder dagelijkse verluchting slaan valse meeldauw en grauwe schimmel snel toe.
Kas, koude bak, tunnel, minikas: welke structuur voor welk gebruik
Een kas is een gesloten constructie van glas of polycarbonaat, hoog genoeg om er rechtop in te werken; ze kan verwarmd zijn (thermostaat ingesteld op ongeveer 5 tot 10 °C, vorstvrij) of koud, dat wil zeggen gewoon gesloten zonder warmtetoevoer. Een koude bak is bescheidener: een lage, vaak houten bak met een beglaasd of polycarbonaat deksel, op de grond geplaatst en bedoeld voor zaaisels en jonge planten, die met de hand worden geopend en gesloten afhankelijk van het weer van de dag. De tunnel bedekt dan weer een volledig bed in de volle grond onder een over bogen gespannen folie; hij kost minder per vierkante meter dan een kas, maar biedt minder werkcomfort. De minikas ten slotte past op een terras en dient vooral om enkele potplanten te overwinteren.
Voor een gezinsmoestuin in België blijft de doeltreffendste combinatie een koude bak voor vroege zaaisels en winterslaatjes, aangevuld met een koude kas of een tunnel zodra men vroege groenten in de volle grond wil zetten. Een verwarmde kas heeft pas echt nut voor zeer vroege zaaisels vanaf februari, of voor veeleisende gewassen zoals paprika en aubergine, die nachten onder 12 °C vrezen.
Wat u werkelijk wint door onder beschutting te telen
Het eerste voordeel is tijd. Van half februari tot maart onder beschutting gezaaid, lopen tomaat, paprika, aubergine en komkommer vier tot zes weken voor op een zaaisel in de volle grond, dat in het Belgische klimaat moet wachten tot de IJsheiligen half mei. Die voorsprong vertaalt zich rechtstreeks in de oogst: een tomaat die begin mei onder een koude kas wordt uitgeplant, draagt al eind juni vruchten, tegenover eind juli voor een plant die volgens de klassieke kalender buiten wordt gezaaid en geplant.
De tweede winst speelt zich af aan het andere einde van het seizoen. Een koude bak of koude kas verlengt de herfstoogst met enkele weken: sla, veldsla, spinazie en radijs blijven groeien terwijl ze bij de eerste vorstnachten van november al bevroren zouden zijn. De derde winst is de bescherming tegen late vorst: in België blijft nachtvorst mogelijk tot aan de IJsheiligen, op 11, 12 en 13 mei, en een te vroeg onder een koude kas uitgeplant gewas doorstaat dat risico zonder schade, terwijl het in de volle grond zijn bladeren zou verliezen. De structuur vervangt geen verwarming: ze volgt de buitentemperatuur en kan sommige winternachten terugvallen tot 0 °C.
Ventilatie en condensatie: de echte uitdaging van het Belgische klimaat
In het vochtige Belgische klimaat, waar de jaarlijkse neerslag afhankelijk van de regio varieert van ongeveer 800 mm tot meer dan 950 mm, maakt een vaak hoge luchtvochtigheid van een de hele dag gesloten kas of koude bak een ware schimmelbroeikas. De lucht moet minstens om de twee uur ververst worden, en de totale ventilatieoppervlakte, nokramen plus zijopeningen of het deksel van de koude bak, moet minstens 20% van de grondoppervlakte bedragen. In de praktijk opent men de koude bak of de kas elke ochtend zodra de temperatuur stijgt, zelfs ’s winters een half uur, en sluit men weer voor de avondkou invalt.
Grauwe schimmel, of botrytis, is de belangrijkste ziekte in slecht geventileerde kassen in de herfst; valse meeldauw kan zich dan weer explosief ontwikkelen zodra de lucht in de lente stilstaat bij tomaat of komkommer. De vuistregel: houd de relatieve luchtvochtigheid onder 80% en het loof droog, vooral ’s nachts. Concreet giet men ’s ochtends en aan de voet van de plant, nooit over het blad, zet men de planten verder uit elkaar zodat de lucht kan circuleren, en veegt men de condensatie die zich op het glas vormt weg voordat ze op de gewassen druppelt.
Wat te telen naargelang het seizoen
In de lente dienen kas en koude bak vooral om vorstgevoelige gewassen voor te trekken. Tomaat, paprika en aubergine worden vanaf half februari binnen of onder de koude bak gezaaid, in maart verspeend in potjes, en vervolgens in de volle grond onder een koude kas uitgeplant zodra de nachten niet meer onder 5 tot 8 °C zakken, vaak begin tot half mei in België. Komkommer volgt hetzelfde ritme en profiteert in de kas van de warmte en de beschutting tegen wind, wat ook echte meeldauw beperkt.
In de winter is het gebruik heel anders: een onverwarmde koude bak, gewoon gesloten en beschermd tegen rechtstreekse vorst, laat toe te oogsten tot in januari-februari. Veldsla is de kampioen van dit gebruik: eind augustus tot september gezaaid, groeit ze traag in de kou en wordt de hele winter geplukt. Winterspinazie, winterhard tot -5 °C, winterslaatjes en rucola volgen hetzelfde principe, in september gezaaid en enkel beschermd door het glas van de koude bak. Radijs ten slotte profiteert van de koude bak zowel in de lente, voor de allervroegste oogst in maart, als in de late herfst om het seizoen te verlengen.
Locatie, oriëntatie en opstelling
De locatie bepaalt het volledige succes van een kas of koude bak. Men kiest een open plek, zonder schaduw van een boom, een haag of een muur op het moment dat de zon het laagst staat, dus vroeg in de ochtend en aan het einde van de namiddag in de winter. Een zuid- of zuidoostoriëntatie vangt over het jaar het meeste licht op; als het doel vooral is vroege groenten te telen en de zomer te verlengen, profiteert een oost-westoriëntatie met de lange beglaasde zijde beter van de ochtend- en avondzon zonder ’s middags oververhit te raken.
De grond moet vlak zijn, of een helling van minder dan 5% hebben, en goed gedraineerd: een kas die in een laagte staat die water vasthoudt na een Belgische regenbui, verandert snel in een modderpoel aan de voet van de gewassen. Voor een koude bak richt men die idealiter op het zuiden, met het deksel lichtjes naar de zon gekanteld, wat de lichtopvang verbetert en de afvoer van regenwater vergemakkelijkt. Wat de bodem betreft, verrijkt men de grond vóór de opstelling met compost, want een intensievere teelt onder beschutting put de bodem sneller uit dan een gewone teelt in de volle grond.
De bijbehorende verzorgingsbladen
Elke genoemde plant heeft haar volledige blad: water geven, standplaats, grond, ziekten en een kalender maand per maand.
Tomaat
Solanum lycopersicum
De tomaat (Solanum lycopersicum) is de koningin van de moestuin, maar het is een plant van zon en warmte die het in het…
Paprika
Capsicum annuum
De paprika (Capsicum annuum) is een eenjarige vruchtgroente en ronduit koukleumig, de zoete neef van de peper,…
Aubergine
Solanum melongena
De aubergine (Solanum melongena) is de kouwelijkste en de meest warmtebehoevende van onze nachtschadegewassen in de…
Komkommer
Cucumis sativus
De komkommer (Cucumis sativus) is een eenjarige groente uit de warme streken van de zuidelijke Himalaya, en dat is te…
Courgette
Cucurbita pepo
De courgette (Cucurbita pepo) is bij uitstek de gemakkelijke zomergroente, één plant geeft er meer dan een gezin kan…
Basilicum
Ocimum basilicum
Basilicum (Ocimum basilicum) is een eenjarig, kouwelijk keukenkruid afkomstig uit de warme streken van Azië. In België…
Sla
Lactuca sativa
Sla (Lactuca sativa) is de meest geteelde salade in de moestuin, makkelijk en snel, geoogst zes tot tien weken na het…
Veldsla
Valerianella locusta
Veldsla (Valerianella locusta) is bij uitstek de wintersla, en er is wellicht geen Belgischer groente voor het koude…
Spinazie
Spinacia oleracea
Spinazie (Spinacia oleracea) is een bladgroente van het koele seizoen, winterhard en gehaast om te leven. In België…
Radijs
Raphanus sativus
De radijs (Raphanus sativus) is de snelste groente van de moestuin, klaar om in te bijten in drie tot vijf weken. Het…
Rucola
Eruca vesicaria
Rucola (Eruca vesicaria) is een sla met een pikante, peperige smaak, een van de snelste van de moestuin: amper vier tot…
Wortel
Daucus carota
De wortel (Daucus carota) is een basiswortelgroente in de moestuin, die de hele winter bewaart en rechtstreeks in volle…
Selderij
Apium graveolens
Selderij (Apium graveolens) omvat twee groenten van dezelfde soort: bleekselderij, geteeld voor zijn knapperige stelen,…
Prei
Allium porrum
De prei (Allium porrum) is bij uitstek de wintergroente op onze breedtegraden. Zeer winterhard blijft hij de hele…
Raap
Brassica rapa
De raap (Brassica rapa) is een winterharde, snelle wortel, een van de makkelijkste teelten in de Belgische moestuin.…
Veelgestelde vragen
Hoeveel graden wint men werkelijk onder een koude kas of koude bak?
Dat hangt sterk af van de isolatie en de ligging. Een slecht geïsoleerde tunnelkas met enkele wand wint vaak maar 1 tot 2 °C ten opzichte van buiten, terwijl een goed gelegen glazen kas tegen een muur tot 10 °C meer kan vasthouden. Een koude bak, kleiner en beter afgesloten, biedt doorgaans een bescherming van 3 tot 5 °C, voldoende om lichte vorst te weren, maar niet strenge vorst.
Kan men tomaten telen onder een koude kas vóór de IJsheiligen?
Ja, op voorwaarde dat men vroeg zaait, van half februari tot maart, en onder een koude kas uitplant in plaats van in de volle grond, wat beschermt tegen de laatste vorst en de oogst met enkele weken vervroegt. Het risico is in België nooit helemaal weg vóór half mei: bij een nacht met aangekondigde temperaturen onder 2 tot 3 °C, biedt een vorstdoek over de planten binnen in de kas een extra veiligheidsmarge.
Hoe vermijdt men condensatie en ziekten in een kas in de winter?
Door elke dag te verluchten, zelfs bij koud weer: enkele minuten in de ochtend, zodra de temperatuur stijgt, volstaan om de ’s nachts opgebouwde vochtigheid af te voeren. Men giet aan de voet van de plant in plaats van over het loof, zet de planten verder uit elkaar om de lucht te laten circuleren, en veegt de wasem die zich op de glazen wanden vormt weg voordat ze op de gewassen druppelt. Deze gewoontes beperken botrytis en valse meeldauw, die door stilstaande, vochtige lucht in de hand worden gewerkt, aanzienlijk.
Welke groenten kan men in de winter telen onder een onverwarmde koude bak?
Veldsla, gezaaid van eind augustus tot september, is de referentie: ze groeit traag in de kou en wordt de hele winter geoogst zonder extra bescherming. Winterspinazie, winterhard tot -5 °C, winterslaatjes en rucola volgen dezelfde zaaikalender en houden het vol onder enkel het glas van de koude bak. Radijs, later gezaaid, verlengt het oogstseizoen tot aan de eerste strenge vorst.
Green Hub zorgt voor je planten
Fotografeer een plant: Green Hub herkent ze en schrijft haar verzorgingsblad, zonder account. Log daarna in om haar gedateerde foto’s en geschiedenis te bewaren.
Identificeer een plant